Amsterdam, Geloven & Leven, Geloven & Spiritualiteit

2010 (4): Missionair en Spiritueel als nieuwe cocktail


Getagd: , , , , , , , , .

Dit is de laatste in m’n korte serie over een vooruitblik op 2010. Ik begon met het signaleren van Nieuw Moralisme, daarna raakte ik verzeild in een theatershow die me deed verzuchten dat kerken iets kunnen leren van Mary Poppins. Mijn vorige blog haakte aan bij nieuwe pioiniersplekken in Amsterdam en ik stelde de vraag wat de kansen zijn voor geloven en kerk anno 2010. Die kansen zijn klein, maar wel reëel aanwezig. Juist in de context van een stad als Amsterdam zie ik lijnen, tegelijk zijn het stuk voor stuk elementen die nogal wat vragen. Ik noemde ‘geloven als zoektocht’ als noodzakelijke grondtoon, daarna gaf ik iets weer over ‘geloof en context’. Ik wil nu een laatste element noemen, de derde in deze rij:

3. Missionair en Spiritueel. Een laatste punt waar ik niet los van kom is de spanning tussen de weg naar binnen en die naar buiten. Kerken zijn nogal eens bolwerken geworden van degelijkheid en vastheid. Helaas wel gekoppeld aan een bepaald tijdsbeeld en een bepaalde cultuur. Als de deuren weer werkelijk opengaan en kerken worden weer relevant en missionair, dan, ja wat dan? Iemand als Jos Douma pleit op zijn blog structureel voor spiritualiteit op allerlei niveaus. Meer dan de moeite waard om te lezen, en ook voor mij een belangrijk element van mijn zoektocht. Toch is ook dit een smal gangetje richting toekomst. Ik noem je twee redenen waarom ik dat zo zie.

De eerste reden dat deze route niet simpel is, is gelegen in de spiritualiteit zelf. Hier heb je het over het mysterie van geloven en over de weg naar binnen. Ik ben er diep van overtuigd dat hier inderdaad een sleutel ligt en ook iets wat raakt aan een diep algemeen verlangen. Echter… het is wel het meest lastige ‘ding’ wat er is. Het is vele malen gemakkelijker om een ‘lifestyle’ te definiëren en dat te zien als jouw manier van geloven. De huidige diversiteit aan kerken en bewegingen geeft hiervan een bont palet. De weg van de spiritualiteit is er echter een die veel verder rijkt en dieper gaat. Ikzelf kan me bijzonder verbonden voelen met de katholieke spiritualiteit zoals bijvoorbeeld verwoord door mensen als Henri Nouwen en Anselm Grun.
Is dit lastig? Ja en nee. Ja: de weg naar binnen is niet precies te ‘regelen’ en is een leerproces wat gezien bovengenoemde elementen ook nog eens plaatvindt in een postchristelijke periode. Kerken en gelovige pioniers moeten dus een route inslaan die niet bij voorbaat resultaat biedt, risico’s inhoudt en intens menselijk is. Een theologie, gemeentevorming en je manier van geloven enten op spiritualiteit is geen projectje met een kantenklare gebruiksaanwijzing. Ik verwijs maar weer naar de blogs van Jos Douma, die steeds meer woorden spendeert aan dit thema en steeds meer verwijst naar een diepere laag die zich niet gemakkelijk laat benoemen.
Het is niet alleen lastig, dat is de andere kant: het is ook een geweldige kans. Die kans ligt volgens mij daarin dat we de wind in zekere zin meehebben. Vinden kerkelijken uit meer behoudende milieus ‘spiritualiteit’ nog een wat onwennige en vage term, buitenkerkelijke stedelingen spreekt het zeer aan. Voor hen maakt het benoemen van spiritualiteit verbinding met waar hun zoektocht over gaat. Het raakt alles rond zingeving, zijn, identiteit, waarden en levensvragen. Kortom: een nauwe doorgang, maar wel een veelbelovend perspectief.

Er is nog een andere reden waarom spiritualiteit lastig is als kans voor geloof en kerk anno 2010. Dat is een punt dat samenhangt met dat andere woord dat ik al noemde: missionair. Met missionair doel ik op de structurele openheid naar buiten toe van kerk en geloof. Een continue verbinding met ‘buiten’. Het is Jos Douma die meer dan eens aangegeven heeft vraagtekens te zetten bij de huidige ‘hausse’ van missionair kerk-zijn. Juist in gereformeerde kringen van de PKN en ook de als ‘orthodox’ bekend staande kerkverbanden is dit de laatste 10 jaar sterk opgekomen. Maar is dat de oplossing: nieuwe experimenten, nieuwe kerkvormen, loslaten van tradities, meermalen geïnspireerd op voorbeelden uit de VS? Wel, scepsis is niet alleen Nederlands, maar ook wel terecht. Ook een nieuw ‘concept’ van kerk-zijn is over 10 jaar weer gesetteld en vatbaar voor slijtage. Maar vooral is het de vraag wat nu werkelijk een antwoord biedt aan de vragen van deze postchristelijke tijd.

Om aan te geven waar ik zelf momenteel sta: ik geloof met reden dat er veel huidige vormen losgelaten moeten worden. De meeste vormen van kerk-zijn dateren in Nederland uit de 16e eeuw. Dan is het niet gek dat veel vormgeving de boodschap in de weg zijn gaan staan. Voor mij zijn vormen volstrekt ondergeschikt aan het doel. Dat wil niet zeggen dat oude tradities ineens waardeloos zijn geworden, ik geef ermee aan dat de zoektocht naar geloven in 2010 z’n uitgangspunt zou moeten nemen in de wortels van het geloven en niet in de gestolde vormen. Om terug te komen op spiritualiteit als sleutel naar de toekomst, ik kan het niet zien zonder een missionaire grondhouding. De historie geeft genoeg voorbeelden van diepe spirituele stromingen die toch ontspoorden danwel beperkt bleven tot een klein select gezelschap. Nieuwe vorming van spiritualiteit kan volgens mij niet zonder nieuwe aandacht voor missionair kerk-zijn. De blik naar boven of naar binnen wordt in mijn visie pas spannend en veelbelovend als die samengaat met de blik naar buiten.

Er is nog een reden om hiervoor te pleiten. Ik geloof niet zo in de logische ‘volgorde’: eerst meer dit en dan ook meer missionair. Eerst spiritueler worden, dan ook (als vanzelf?!) missionair kerk worden. Het ‘vanzelf’ heb ik hierboven al tegengesproken, maar het ‘eerst …dan…’ wil ik nu tot slot toellichten. Ik denk zelf dat de drang tot verdiepte spiritualiteit pas echt gevoeld wordt als zowel geestelijke leiders, theologen als ook kerkbezoekers en gelovigen continu op de tocht gezet worden van die kerkdeur die openstaat. Nieuwe bezoekers, gesprekken met critici en sceptici hebben een hoog reinigend vermogen op je manier van nadenken over God, bijbel en kerk. Juist dan voel je dat je wortels nodig hebt die dieper gaan.

De boom uit Psalm 1 staat aan een waterstroom en is zo diep verworteld op een manier die het in staat stelt bladeren en vruchten te dragen. Maar het gaat wel om een boom in een Oosters land waar continu watertekort is en een verzengend hete zon. Het gaat dus niet om een kasplantje achter het dubbel glas van een veilig naar binnen gekeerd kerkelijk leven.
Wortels verdiepen pas als er noodzaak is voor die verdieping.
En daarbij komt dat ik geloof dat een spiritualiteit die geënt is op Jezus er één is die net als Jezus zelf, gericht is op een wereld met mensen die van ‘buiten’ binnen komen. Tja, Jezus…:

Ik ben de deur.
Ik ben het licht voor de wereld.
Ik ben het brood dat leven geeft.
Ik ben.