Geloven & Leven

Dynamiek zonder muren: Gods Geest verbindt


Getagd: , , , , , .

Het Alziend Oog, 's Hertogenbosch

Als ik nadenk over God, geloof en kerk moet ik toegeven dat ik minder in de kerk en meer in God ben gaan geloven door de jaren heen. Intussen proef ik iets bij mezelf van een groeiend geloof in kerk-zijn, maar dan is intussen mijn beeld van de kerk in z’n verschijningsvorm wel veranderd. Als er iets is dat mij de laatste jaren geholpen heeft is het denken in ‘boven-binnen-buiten’. En ik ben blij met een aantal mooie en prikkelende opmerkingen hierover op verschillende plaatsen. Tegelijk daagt het uit om er een paar kanttekeningen bij te maken als er gesteld wordt dat we moeten stoppen met het denken in termen van ‘boven, binnen en buiten’. Ik denk dat juist niet, sterker nog: zonder een groeiend inzicht in de dynamiek van die dimensies gaat er iets wezenlijks verloren.

Het sterke in de pleidooien is precies het punt waarmee Pinksteren de wereld veroverd heeft sinds de eerste eeuw. De Geest doorbreekt de grenzen die mensen eigen zijn. Ondanks dat werd de kerk in veel situaties alsnog een bolwerk waar je moeilijk binnen kwam en waar het buitengebied vooral als gevaar gezien werd: ‘de wereld’. Ik proef die notie sterk verwoord door Harmen van Wijnen in het ND:

We moeten af van een kerk die alleen maar denkt in termen van ‘binnen’ en ‘buiten’, in ‘wij’ en ‘zij’. Dergelijke begrippen grenzen af, sluiten uit en buiten, hoe goed het vaak ook is bedoeld. Ik pleit voor een transformatie naar een randloze kerk.

De beweging die Van Wijnen maakt is terug naar het dagelijkse leven en naar het geloofsleven zelf en vandaaruit kijkt hij naar de kerk die hier dienstbaar aan moet zijn. Dat staat haaks op een institutaire denktrant die start bij de kerkdienst op zondag en het ledenregister. Ditzelfde proef ik in een blog over God en elkaar liefhebben van Pieter Kleingeld. Volgens mij kun je hier weinig anders mee, dan onder ogen zien dat hier de kern ligt en het enig juiste startpunt om op een zinvolle manier over een levende kerk te praten.

Ik kan alleen maar bidden en hopen dat deze lijn het denken en doen in kerken meer gaat veroveren. Geloof leidt automatisch tot een levende kerk. De kerk leidt niet automatisch tot een levend geloof. Ik droom dan ook steeds meer weer van een kerk die het aandurft en aankan zonder muren te functioneren en midden in het leven zich te vormen. Het was de bisschop van Canterbury, Justin Welby, die afgelopen week in Londen op de Leadership Conference van HTB uitsprak optimistischer over de kerk te zijn dan ooit in zijn leven. Hij benoemde een nieuwe beweging en ik herken dat. Dat maakt dat ik zelf ook meer in ‘kerk’ geloof dan een aantal jaren geleden. Niet het instituut en z’n typische dynamieken bieden me veel reden tot hoop, maar een onderstroom die veel dynamischer is en opnieuw verbinding maakt.

Het was een korte twitterdiscussie en vooral de blog van Jos Douma die mij bepaalde bij een andere kant van dit verhaal. Ik lees een worsteling door het zien van geloof buiten de kerk en ongeloof binnen de kerk. Herkenbaar en tegelijk iets wat me doet afvragen of de forse conclusie dat de drieslag boven, binnen en buiten haastig zou moeten worden afgeschaft. Ik mag hopen van niet! Maar als ik Jos’ woorden probeer te begrijpen gaat zijn pleidooi meer om het denken in tegenstellingen en categorieën dan om waar ik heen wil. Ik lees zijn pleidooi als iets dat samenhangt met een kerkvisie die inderdaad op z’n retour is. In een post-christelijke context helpt het niet echt om in exclusieve kaders te denken: binnen of buiten. In een opnieuw missionaire setting gebeurt opnieuw wat in de eerste eeuwen al gebeurde: een levendig verkeer die je geen recht doet met het de ‘rand’ te noemen. Het gaat om verbinding, relaties, initiatieven aan de rand van het instituut en nieuwe vormen van kerkzijn. Inderdaad: stop met exclusief denken en praten en begin met een taalveld dat inclusief is.

En juist hier doet een drieslag als boven, binnen en buiten z’n werk. In een open definitie van kerk waar je denkt vanuit geloof en de zoektocht naar God en het volgen van Jezus als basis – daar zijn altijd drie dimensies terug te vinden. Geloof verbindt aan God, aan elkaar als geloofsgemeenschap en aan de samenleving om je heen. Dat is geen open deur intrappen en het is evenmin een achterhaalde manier van denken. Het is zinvol omdat het mijn ogen opent voor aspecten die ik anders makkelijk kan verdoezelen. Ik zou het daarom zeer verhullend vinden als er daadwerkelijk niet meer over deze drie aspecten gesproken gaat worden. Je kunt het probleem van de bestaande kerken niet oplossen door ‘binnen’ en ‘buiten’ op één hoop te vegen en er vanuit te gaan dat het ook met ‘boven’ wel goed zit. Kijk naar de recente kerkgeschiedenis en de voorbeelden liggen vooraan.

Het verschil in benadering zit misschien wel vooral hierin dat in het ene geval er een ecclesiologisch-juridische benadering beeldbepalend is en in het andere geval de dynamiek van geloven. Het gaat niet om lijnen of zelfs muren, maar om bewegingen: naar de kern en van de kern af. Die kern is voor mij Jezus Christus en de setting waarin dat gebeurt is de dagelijkse werkelijkheid van hier en nu. Ik zie het aan missionaire processen in kerken hoe het enorm helpt om de driehoek ‘boven-binnen-buiten’ te hanteren als spiegel om in te kijken. Bij Nederland Zoekt… doen we dat structureel. Dan moet ik er wel bij zeggen dat dit gebeurt vanuit de overtuiging dat een gelovige altijd in drie dimensies functioneert. Het is een visie van én-én, daar zit het grote verschil met het klassieke kerkmodel. Daarom heb ik het over dimensies, over dynamiek en beweging. Dat is een ander taalveld dan dat van positie, status en tegenstelling. Wat ik wil beweren is dat de winst die ik aan het begin opmerkte in de uitlatingen van Harmen van Wijnen hand in hand gaat met het juist wel hanteren van de drieslag boven, binnen en buiten. Het is de winst van beweging, van processen die grenzen doorbreken en van nieuwe verbindingen maken waar we ze kwijt waren.

Ik vermoed intussen dat we hetzelfde op het oog hebben: een kerkelijke praktijk waarbij een groep christenen met vrienden rond de tafel ook kerk is. En een kerkdienst waarbij ‘buiten’ een integraal aspect is van het samenkomen. Waar het leven vol is van ‘boven’, kortom waar ‘binnen’ niet zonder ‘buiten’ gaat en andersom en waarbij overal God aanwezig is en ‘boven’ in die zin bijzonder veel ‘beneden’ ervaren, geloofd en gevolgd wordt in alles.