Geloven & Leven

Christelijke organisaties en hun geloofswortels: de uitdaging


Getagd: , , , , .

Ik vind het wel een dappere poging: 60 mensen vragen een speech te schrijven voor hun organisatie, waarin ze de waarde van de christelijke wortels benoemen voor de identiteit van de organisatie. Geloof in je werk is wat dat betreft een mooie titel, maar eerlijk gezegd had ik verwacht dat er veel seculiere bedrijven tussen zouden zitten. En die vraag blijft op m’n wensenlijstje staan: vertel eens aan je mede-leidinggevenden of medewerkers wat christelijk geloof betekent voor jouw manier van werken in de positie die jij hebt als directeur of manager in een gewone organisatie. In die zin is dit boekje een relatieve thuiswedstrijd en dus meer de proef op de som bij een bonte verzameling organisaties die ergens de ‘C’ in hun vaandel hebben staan. Werkt het nog, kunnen de sprekers vandaag nog inspireren?

Misschien is de bijdrage van Jan Hoogland (mede-redacteur) wel een mooi voorbeeld: hij weet de balans te vinden tussen een kritisch bevragen van het label ‘christelijk’ en toch de overtuiging vanuit de persoon van Jezus zelf. Hij roept op tot navolging en dus vooral ook doen vanuit je identiteit. Inspirerend zijn een heel aantal verhalen, in mijn ogen vooral die dichter bij zichzelf blijven en een verhaal weten te vertellen. Cor van Beuningen laat me zien hoe hijzelf geraakt is door anderen. Eerlijk gezegd zijn dat momenten waarop ik denk: ga nog even door. Geraakte mensen die dat kunnen verbinden aan hun werk, zijn in mijn ogen overtuigender dan de algemene beschouwers rond identiteit en organisatie.

Iemand die overtuigt is Suzan Koning (CPS Onderwijsontwikkeling en Advies). Ze laakt helder het rendementsdenken in het onderwijs en heeft het lef de slogan ‘het beste uit de leerling halen’ op scherp te zetten.

“Er is natuurlijk helemaal niets mis met het beste uit leerlingen halen, ieder kind mag er immers zijn, ieder kind telt. Maar ik vind dat in het onderwijs veel meer oog moet zijn voor gemeenschapsvorming en voor wat het leven in een gemeenschap betekent en vraagt.” (66)

Opmerkelijk is dat je bij mensen van de CHE dergelijke geluiden hoort: het gaat om vorming (Ton Bestebreur) en als je jezelf niet continu laat vormen en navolging van Christus praktiseert, kun je anderen niet voorgaan. Het gaat om Gods koninkrijk, dus om een samenleving (Jan van der Stoep). Het gaat te ver om een hele lijst te noemen, maar ik proef in veel speeches de visie om het individualisme voorbij te zijn.

Prikkelend is de bijdrage van Cors Visser (ForumC) die christenen schetst als de dorpsgekken van Nederland. Relativerend, en tegelijk de uitdaging oppakkend. Hier zit je op het snijpunt van waar de samenleving nu zit en wacht je op het antwoord dat inspireert en verder brengt. Dat antwoord is stevig en hoog gegrepen, maar overtuigt wel:

“…christelijk geloof is niet alleen waard om te geloven omdat God bestaat. Het is ook geloofwaardig omdat het volgen van God goed is voor de hele samenleving. Het leidt tot inzet voor gerechtigheid, herstel van relaties en het zoeken naar het algemeen belang. Voor geloofwaardigheid is niet alleen persoonlijke integriteit van belang, maar ook integraliteit. Het geloof is pas geloofwaardig, voor niet-christenen én christenen, als mensen hun geloof leven: denken en doen.” (78)

De moeite waard is ook het verhaal van Joost Smit (predikant en lid stuurgroep Buitengewoon Zorgzaam) uit de Vinexwijk Vathorst. Een atypische kerk rijst op uit zijn verhaal, omdat het onder één dak gaat met een wijkcentrum. Hier klinkt iets door van een verhaal dat bestemd is voor buurtbewoners die niets met de kerk hebben en juist hier wordt iets van Jezus uitgestraald wat blijft haken. Christen zijn wordt hier: bidden en onder de mensen het goede doen. De kerk verbindt zich aan kleine verhalen en gaat verbindingen aan met de wijk. Kleine verhalen en een gemeenschap: opnieuw tekent zich hier iets af, wat volgens mij een blik werpt op de nabije toekomst op het snijvlak van geloof en samenleving.

Ik ben wel benieuwd hoe deze bundel z’n weg vindt. Werkt dit: voorbeelden van inspiratie? Overtuigt of inspireert het anderen? Een nieuwe fase wellicht om geloof weer woorden te geven en te verbinden aan visie, waarden en doelen? Wat dat betreft is de bundel een verzameling tussen verlegenheid en verlangen. Lang niet alle speeches ervaar ik als inspirerend. Soms zoekt de spreker naar wat christelijke inspiratie omdat het nou eenmaal de vraag was. Soms spat de geloofsovertuiging er af, maar past dat ook bij de directe doelstelling van de organisatie. Vaak is het nog abstract en omschrijvend en blijft het steken in beleidstaal. Onze Nederlandse Martin Luther King heb ik er niet tussen gevonden, maar het roept wel verlangen op naar meer hiervan. Ik zou willen dat we het niveau van een TED-talk kunnen halen voor organisaties die zoveel geloof en ambitie zeggen te hebben. Zou een mooi volgend project zijn.