Geloven & Spiritualiteit

Cultuur, Geloven & Spiritualiteit

Breek het heilige af


Ik voel mezelf wat klem zitten tussen schoonheid en bijna onbereikbare verstilling, en daarbij nog bizarre woorden van Jezus die me raken en verbijsteren. De wijn was heerlijk, de open haard brandde en de zondag is nog niet voorbij.

Hier gaat christelijk geloof in essentie om: welke rol heeft de lijdende Jezus?

Gister kocht ik de nieuwe CD van Philippe Herreweghe. Vier cantates op magistrale wijze uitgevoerd. De klank is rond, maar ook met zoveel gevoel uitgevoerd dat het zeker niet alleen glad of technisch correct is. Het is meer.

Deze CD is in de aanbieding en lijkt goed te verkopen, net als dat de sacrale muziek van Bach nog steeds massaal beluisterd wordt. Het is weer de tijd van de Johannes Passion en de Matthäus Passion, met volgeboekte uitvoeringen in het Concertgebouw en in de Grote Kerk van Naarden, om maar iets te noemen. Schoonheid. Dat raakt, dat willen we horen, en terecht. Ik doe mee. En toch.

Ik probeer de laatste dagen tijd te zoeken om stilte te ervaren. Ik wil graag een glimp opvangen van dit essentiele moment in het christelijk geloof. Terwijl achter me uit de boxen de fluiten een betoverend inleidend spel spelen op een lied dat Jezus Christus bezingt als God en Mens, zoek ik naar de unieke boodschap. Ik kwam het onlangs hard en vervreemdend tegen met een snerende zin in The Message:

Tear down this Temple and in three days I’ll put it back together.

Een vreemdsoortige scène, waarin Jezus tijdens het Joodse Paasfeest het tempelplein schoonveegt met een zweep. De quote spreekt hij uit als antwoord op diep religieuze verontwaardiging over deze heiligschennis. Als toelichting van de verteller krijg je dan nog mee dat deze quote verwijst naar de manier van sterven en de opstanding na drie dagen van Jezus, een paar jaar later, ook met Pasen (Johannes 2,13-25).
Op zo’n moment schiet de vraag door m’n hoofd of ook de muziek van Bach niet een te lief en harmonieus beeld gemaakt heeft van Jezus. De teksten zijn stuitend confronterend, hoe mooi ook gezongen, en spreken dezelfde bizarre taal als dat Tear down this Temple…. Oordeel zelf (aria en koraal uit BWV 22):

Mein alles in allem, mein ewiges Gut,
Verbessre das Herze, verändre den Mut,
Schlag alls darnieder,
Was dieser Entsagung des Fleisches zuwider!
doch wenn ich nu geistlich ertötet da bin,
So ziehe mich nach dir in Friede dahin!

Ertöt uns durch dein Güte,
Erweck uns durch dein Gnad;
Den alten Menschen kränke,
dass der neu’ leben mag
Wohl hie auf dieser Erden,
Den Sinn und all Begehren
Und Gdanken habn zu dir.

Door me heen gaat dat deze muziek inclusief dit soort teksten deel uitmaakt van onze Westeuropese cultuur. Tegelijk is het te bizar voor woorden wat hier staat. Afbraak, en nog eens afbraak. Christelijke spiritualiteit ziet mensen zover komen dat ze bij hun volle verstand zich verbinden met de lijdende Jezus en hem volgen in die afbraak van lijden en dood. En dat ervaren als werkelijk tot leven komen. Het blijft een mysterie hoe een geloof dat zo de waarde van de mens erkent, tegelijk zo diep verweven is met lijden en afbraak. Het is meer dan lijden kunnen verdragen. Het is afbraak willen, en er voor kiezen. Afbraak van ego, van eigenzinnigheid van platte autonomie.

Jezus, die altijd zelfliefde als boodschap preekte vanuit Gods liefde, breekt de religie van het zelf af. De Tear down this Temple-slogan is een afbraakprogramma, bestemd voor een religie in eigen beheer. Van een ik-doe-het-op-mijn-manier-rot-dus-op-geloof. Of te wel, het meest heilige stukje van je overtuigingen. Kom daar niet aan. Op dit punt is christelijke spiritualiteit een blijvende ramp. Loslaten en durven afbreken, te beginnen bij dat waar je de meeste controle over heb weten te krijgen.

Dood mij door uw goedheid, klinkt het in betoverend mooie toonzettingen. Alsof dat zo fijn is. Juist deze boodschap schiep de meest invloedrijke en cultureel hoogstaande muziek, en vloeide uit de pen van de gelovige Bach. Gretig en nietsvermoedend beluisterd in een post-christelijke wereld! Geniale harmonisaties kunnen evenwel niet verhullen hoezeer de inhoud een dissonant is binnen ons dagelijkse referentiekader.

Ik zit met nog één lastige vraag. Ik heb zelf al moeite dit binnen te laten komen. Om dit soort confrontatie aan te gaan en deze vorm van zelf-afbraak te praktiseren. Maar wat knaagt is dat juist zich christelijk noemende mensen nog meer dan anderen immuun lijken voor dat Tear down this temple. Bolwerken die vooral gericht zijn om andermans afwijkingen neer te slaan, die zie ik in veelvoud. Ook daar kun je getraind in raken overigens, heb ik zelf ondervonden.
Maar wat me stilzet op dit moment is dat Jezus de religie waar hij zelf deel van uitmaakte, die afbraak toewenste. Identificatie van christelijke kerken en leiders met dit typische Jezus-element is uitermate spaarzamelijk en dit spirituele kernmoment lijkt een hardnekkig blinde vlek. Breek af…, breek af en begin bij je heilige ik, je heilige bouwwerk, heilig systeem, die holy-driven hang naar controle, enz.

Maar je verandert dat niet zomaar, toch?
Volgens de oprichter van dit geloof, ene Jezus, is het vrij simpel: just tear down…

Hoe kun je verwachten dat dit sleutelwoord van christelijk geloven gaat werken als juist kerkmuren Jezus-proof lijken te zijn?

Geloven & Leven, Geloven & Spiritualiteit

Als kerken omvallen – stil gebed


Ik had niet gedacht dat ik dit ging opschrijven en ik huiver nog bij de gedachte. Toch komt het te veel naar boven nu ik blogs en artikelen lees over een Nationale Synode. En ineens zie ik wat nog amper van de krantenpagina’s af is: omvallende banken. Zou dat met kerken ook kunnen, denk ik?

Pauw en Witteman

Tegelijk onderzoek ik mezelf: waarom voel ik iets van opluchting? Wat is er mis met mij? Is dit leedvermaak, dat zou vooral iets over mij zeggen. Nee, het is iets anders, ik moet zoeken.
Vaag vormt zich het beeld, als in de mist. Flarden vormen een al ouder stil gebed. Niet een van m’n meest orthodoxe gebeden, maar toch.

Het kwam door de bevlogen en rake woorden op de blog van Boele Ytsma over een Nationale Synode. Ik had het allemaal niet zo gevolgd, dus een eerste bericht op Twitter ontging me bijna. Na enig surfen bij het Nederlands Dagblad zie ik dat er al een hele discussie gaande is over het al of niet houden van een Nationale Synode. Een landelijke kerkelijke vergadering, platform of forum zeg maar, dat gaat praten over… Ja, waar over. Nou ja, nog niet zo gek: benoemen waar het ten diepste om gaat. En dat 500 jaar na Calvijn, en dat over alle kerkmuren heen. O nee, toch niet, de katholieke muren zijn nog te dik op dit moment. Zij zitten met de Paus en de Wereldkerk, handen meer dan vol, zeker na wat blunders van de heilige Vader.
Maar een overzicht met korte interviews van kerkelijke spokesmen leert al snel wat elke atheist en agnost al dacht: dit wordt ‘m niet. Ieder heeft zo z’n dingetje. En ze hebben allemaal eigenlijk al de handen vol aan… interne sores en ten diepste aan eigen trots. Ik zucht een paar keer diep.

En toen was het er weer. Ik voel me even heel ongelovig. Ik geloof al niet zo in synodes, maar erger is dat ik steeds minder in het instituut kerk geloof. Of misschien moet ik toegeven dat ik er wel in geloof, maar er juist daarom niet in geloof. Volgt iemand me nog?
Weet je wat het is, je hoeft niet achter een ‘product’ te staan om toch respect te hebben voor de visie en de strategie van een bedrijf. Toch? Je hoeft niet van Ikea-kastjes te houden om toch toe te geven dat ze het knap voor elkaar krijgen. En ook een verstokte treinreiziger kan inzien dat de jongens van TomTom iets geflikt hebben wat bewondering oproept.
Maar bij geloof in God lijkt het eerder andersom te werken. Wie kijkt wat kerkelijke discussies en events opleveren, wordt vaker sceptisch dan enthousiast. En dat geldt voor allerelei instituten op het christelijk erf. Dat wegschuiven als cynisme van ongelovigen is te makkelijk.
Sterker: het cynisme tiert welig onder aanhangers van God en Zoon. En omgekeerd: er zijn heel wat niet-kerkelijken die positief nadenken over het bestaan van God en de zoektocht naar spiritualiteit. Maar begin niet over de kerk…
Er is iets anders mis dus.

Mijn gebed zou zijn… dat er een Nationale Synode komt die samen op de knieën gaat en vervolgens eensgezind besluit de kerk in Nederland op te heffen. Voor de komende 3 jaar minstens. Alle leden worden hartelijk bedankt, maar vanaf datum-die-en-die sluit elke kerk de deuren.
Wat er daarna gebeurt zou wel eens pure genade kunnen zijn. Voor de gelovigen zelf, en niet minder voor je niet-kerkelijke buren, vrienden, familie. Boeiende gesprekken volgen bij Pauw en Witteman. Jeroen Pauw raakt zowaar iets van z’n allergie kwijt nu hij deze mensen aan tafel ziet zitten en hoort zeggen wat ze nu zijn kwijtgeraakt. Matthijs van Nieuwkerk halveert het tempo van z’n vlotte babbel en weet het ook even niet meer. De kerk is niet meer en de wereld draait door, maar anders… Nieuwe interesse groeit en we praten samen weer over zingeving. Er ontstaan kleine informele groepen aan huis die praten, bidden, open staan voor iedereen en werkelijk naar elkaar luisteren. Het lukt weer te praten waar het echt om gaat in het leven.

Niemand zegt meer dat hij kerkelijk is, niemand noemt zichzelf ex-kerkelijk, we zijn allemaal niet-kerkelijk. Met andere woorden het is geen issue meer. We zijn! Het zou een knal geven, en daarna een weldadige stilte waarin nieuwe deuren opengaan. Jeremia treurt over de ondergang van Jeruzalem, RembrandtNiemand verlangt na 3 jaar nog terug, nieuwe netwerken hebben zich gevormd, maar ze zijn anders.
Nederland is in eeuwen niet zo dicht bij geloof en God geweest als sinds dat moment.

Ik werd wakker uit m’n gebed, of was het droom? Op m’n netvlies stond Jeremia. Ik besefte: zo onbijbels is het allemaal niet, oef, dat scheelt tenminste iets. Ook de bijbel kent een harde reset. Heette toen ballingschap, maar ’t is natuurlijk hetzelfde. Laat die Nationale Synode maar komen dus.

O ja, en nodig ook de katholieken uit, tenslotte horen ze er ook gewoon bij, zowel bij the good als the bad.
Al net als bij mezelf.
Ik kom dus ook.
Om m’n eigen ballast op te heffen.
Heerlijk vooruitzicht.

Cultuur, Geloven & Spiritualiteit

Les Misérables: echo van een Stem


Carre Amsterdam Gisteravond was ik met Alienke in Carré om een van de laatste uitvoeringen te zien van Les Misérables. Ik was niet erg voorbereid en des te meer verbaasd over het vele moois dat deze musical laat zien. Op zich is het al genieten om ’s avonds langs de Amstel te lopen en de vele lichtjes te zien rond de Magere Brug. Op de terugweg vingen we wat opmerkingen op van mensen die nog twee uur moesten reizen, terwijl wij in Tram 9 stapten. Dan besef ik weer even hoe bijzonder het is om hier gewoon te leven, heerlijke stad…

Bijna tegen het plafond geplakt keken we vol interesse hoe de zaal zich vulde, en naar het ritueel van wringende mensen die hun plaatsje proberen te bereiken. Zo’n 1500 mensen in het rode pluche, de opwinding van een avondje in het theater van Nederland… En dan voltrekt zich een verhaal voor je ogen met geweldige muziek en fraaie decors. Een verhaal dat ontroert. Het verhaal dat Victor Hugo in 1862 schreef vanuit het Frankrijk van die dagen. De musical ging in Parijs pas in 1980 in première en is nu voor de tweede keer in Nederland en met een Nederlandse vernieuwde productie van de niet onbekende Joop van den Ende.

De plot draait vooral om Jean Valjean die na 20 jaar uit de gevangenis vrijkomt maar feitelijk zijn hele verdere leven achtervolgd wordt door schuld en schaamte. De haat van zijn kampbewaarder blijft hem plagen en doet hem steeds opnieuw vluchten. Nadat hij alleen bij een bisschop welkom is en te eten krijgt, besteelt hij deze man, maar eenmaal betrapt door anderen geeft de bisschop een wending aan zijn leven door te zeggen dat alles wat in zijn tas zat niet gestolen maar door hem geschonken was. Sterker nog, bij alle zware zilverwerk voegt hij ter plekke nog twee kandelaars die Valjean ‘vergeten’ had… Vanaf dat moment is hij een ander mens. Ontroerend is hoe hij daarna verder leeft en de kleine en sterk verwaarloosde Cosette vrijkoopt en adopteert.

Nou ja, zo kan ik nog even doorgaan. Ik geef iets weer om dat het verhaal zo geliefd is en volstrekt verweven is met het leven van die tijd, tot en met de studentenopstanden in Parijs. Wat is het dat massa’s mensen naar deze musical doet kijken? In Londen draait de musical al sinds de jaren ’80 en is daarmee de langst lopende musical ooit. Op Broadway in New York is intussen ook een tweede versie gestart nadat de eerste versie 6680 keer opgevoerd werd. Wat is het dat mensen trekt, ontroerd en zelfs opnieuw doet gaan? Op dit punt ben ik een laatbloeier want het was mijn eerste keer. Is het projectie als ik zeg dat het verhaal behalve in-menselijk ook bijzonder spiritueel is? Ik krijg het gevoel op zo’n moment deel uit te maken van wat N.T. Wright beschrijft als ‘echoes of a Voice’, de echo’s van een Stem die we kwijt zijn, maar toch nog in de verte horen. Een van die echo’s is het verlangen naar spiritualiteit.

Elke avond zit een zaal met anderhalf duizend mensen ademloos te kijken en te luisteren naar een metafoor die twee manieren van leven laat zien.
Een leven vanuit schuld, schaamte en wet. De kampbewaarder en wetsdienaar Javert staat hier symbool, maar niet minder een overheid die armen onderdrukt en uitbuit.
Daar tegenover staat vrijheid en liefde, die begint bij Jean Valjean op het moment dat hij genade ervaart na zijn diefstal. Niet de 20 jaar straf hebben hem veranderd, maar het genereuse en onverdiende gebaar van de bisschop die hem nog wat extra’s meegeeft bij de start van zijn nieuwe leven. Het komt terug in de liefde voor zijn adoptiefdochter die hij op zijn beurt uit de goot trekt en letterlijk vrijkoopt. De liefde die vervolgens opbloeit tussen Cosette en Marius die weer betrokken is bij de studentenopstanden. Vrijheid vindt hij uiteindelijk, stervend in de armen van deze twee geliefden die hem zien zoals hij werkelijk geworden is. Niet als de vluchtende ex-gevangene die opnieuw opgesloten dreigt te worden omdat hij zijn vrijbrief verscheurd heeft. Maar als de redder en liefhebbende man die hij inderdaad geworden was.

Ik wil niet vervelend doen, maar dit druipt van het evangelie… Genade tegenover wet. Dit roept verlangen wakker bij elk mens, waarom kijken we er anders wereldwijd jaar in jaar uit naar op de podia van de grote wereldsteden? God wordt meermalen expliciet benoemd. Op zo’n moment huiver ik even en merk ik dat ik niet meer gewend ben dat spirituele taal zich zo kan mengen met de taal van het leven in zijn schoonheid en rauwheid. Maar wel precies de plek waar spiritualeit thuishoort.

Echo’s van een Stem… Volgens mij iets om bij stil te staan en te luisteren.

Een uitgebreide poging om iets meer te zeggen over het belang van spiritualiteit vind je op de nieuwe aparte pagina hierover.